De Indische Oceaan is de jongste oceaan op onze planeet. De jaarlijkse passaatwinden lieten hier al vroeg grote oceaanreizen toe. Reeds rond het jaar 500 trokken mensen uit Borneo de oceaan over en bevolkten het verre en vreemde Madagaskar. Vanaf de 7de eeuw ondernamen de Arabieren in hun sterke dhows grote reizen naar India, China, de Molukken en Oost-Afrika om handel te drijven in specerijen, slaven, goud en porselein.
In het begin van de 15de eeuw dook de Chinese eunuch-admiraal Zheng He op met een vloot van 250 gigantische schepen. Later verschenen de Europeanen: de Portugezen ontsloten de route langs Kaap de Goede Hoop op weg naar India en China. De Nederlanders ontdekten het eiland Mauritius, met een fatale afloop voor de dodo: een lekkere vogel die helaas niet kon vliegen. De Nederlandse Oost-Indische Compagnie zou 200 jaar de handel in de Indische Oceaan domineren, terwijl ook de Fransen en de Engelsen zich vestigden op de Seychellen, Réunion, de Comoren,…
Vanaf de jaren 1960 werden de meeste landen onafhankelijk. De moderne problemen sparen deze regio niet: de opwarming van de aarde zorgt voor steeds heviger cyclonen en overstromingen, de smeltende Himalayagletsjers bedreigen de grootste rivierdelta ter wereld in Bangladesh en ook een tsunami kan voor grote ellende zorgen.